Posts tonen met het label gedicht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gedicht. Alle posts tonen

maandag, juni 08, 2009

Het kegelspel

Ik voel me net een aftandse opgejaagde hond in een kegelspel.
Bowlingballen teisteren voortdurend mijn lichaam, mijn geest en ook mijn vel.
Altijd maar moet ik me vlug over en 't weer reppen,
anders krijg ik onverbiddelijl keiharde meppen.

Mijn leven lang tracht ik diverse moeilijkheden te ontwijken.
Waarom wil men toch telkens weer zware ballen naar Hectorke smijten?
Nooit of nooit maakte ik iemand het leven zuur of schopte ik rellen.
En toch zal er mij eenmaal zo een stug ding definitief neervellen!

Mijn hele lijf en ook mijn arme kop
werden bijna totaal maf geklopt:
"Geen enkele van de kegelspellen die ik kende,
hadden enig medelijden waar ik ook heen rende"

Ik ben er vast van overtuigd dat ik onder geen beding
het ooit of ooit van die lugubere kegelboldans win!
Dus gans mijn verder leven lang krijg ik, Hector levensmoede hond,
nog een pak bowlingballen naar mijn hoofd, mijn lijf en naar mijn kont...


Hector Peperstraete

donderdag, mei 10, 2007

Voor moederdag

hieronder een ingezonden gedicht


Liefste moeder,


'k zou willen
dat je dromen worden
vervuld
want dat zou ik je
willen schenken
voor vandaag en alle dagen
want 'k zie je graag

maar 't leven hier op aarde
is geen hemel
We kunnen er naar streven
er samen het beste van te maken


van je dochter

woensdag, maart 21, 2007

Poëzie en psychiatrie: Rutger Kopland

De taal van het verlangen

In het kader van de Boekenweek zendt de NPS in Het Uur van de Wolf ‘De taal van het verlangen’ uit over dichter Rutger Kopland. Met unieke beelden van optredens met Kopland als cabaretier, filmer en dichter, maar ook als psychiater in gesprek met patiënten.

De makers filmden de dichter vanaf 2004 en maakten opnames in Groningen, Drenthe, Frankrijk en Wenen. Zelfs na zijn auto-ongeluk in december 2005. De documentaire gaat nader in op Koplands poëtisch werk en zijn loopbaan als hoogleraar psychiatrie in Groningen. ‘In mijn gedichten is er vaak sprake van observeren, kijken en luisteren. Als psychiater moest ik ook vaak kijken en luisteren. Dat hele arsenaal van gereedschappen dat ik in mijn vak gebruikte, vind je ook terug in mijn poëzie’, aldus Kopland. De tragische opname van Kopland op de psychiatrische afdeling waar hij zelf ooit hoofd was, komt ook ter sprake. ‘Vroeger had ik zelf de sleutel en kon zo naar buiten lopen. Nu zat ik achter een gesloten deur.’ Slechts weinigen kennen zijn humor en lichtvoetigheid, zijn cabaret groep of zijn eigen 8 mm films. ‘Ik houd van films. Ik had graag films willen maken. Ik ben een kijker, een uitkijker, een observator.

Veertig jaar geleden publiceerde dichter Rutger Kopland zijn eerste bundel Onder het vee.Daarna verschenen diverse dichtbundels en essays. Inmiddels geldt Kopland als één van de belangrijkste Nederlandse dichters. Hij kreeg o.a. de Jan Campertprijs (‘70) en de PC Hooftprijs (‘88). Rutger Kopland is het pseudoniem van de op 4 augustus 1934 te Goor geboren Rutger Hendrik van den Hoofdakker. Hij is dichter, psychiater, essayist en emeritus hoogleraar biologische psychiatrie. Kopland woonde van 1941-1946 te Bussum, van 1946-1951 te Assen waar hij het gymnasium volgde. Hij studeerde geneeskunde te Groningen (1951-1959).

Regie: Piet Hein van der Hoek
Research en productie: Lejo Siepe / Stichting Beeldlijn

De documentaire is mede mogelijk gemaakt door het Stimuleringsfonds Nederlandse Culturele Omroepproducties, RTV Noord en Stichting Beringer Hazewinkel.

De documentaire werd zondagavond uitgezonden en wordt nu vrijdag 23 maart om 16.00u herhaald op NPS (Nederland 2)

dinsdag, maart 13, 2007

Ik hoor kreten

Ik hoor kreten, ik hoor kreten
ja, het is oorlog
Als je dicht bij me bent, als je me vergezelt
doet niets er nog toe, schat, doet niets er nog toe
Als de hemel naar beneden komt
Als de wolken naar beneden vallen
verwacht ik een telefoontje van jou
ik wil dat je me vergezelt
ik wil dat de hemel opengaat
op de weg naar het universum

Ik wil jou zien uitbarsten in vrolijkheid
Ik tover een glimlach op je gezicht
Ik wil jouw gelaat bedekken
met mijn kussen op je gezicht
Ik wil me verbergen onder jouw omhelzingen

Een vrouw is als de wind en de zee: men weet nooit !

Gedicht geschreven door Michaël

dinsdag, februari 20, 2007

Dag vrienden van de poëzie...

Blijft U na het bekijken van het nieuws van zeven uur ook even hangen bij "Man bijt Hond"? Kijkt U dan ook het hele programma uit om Wim Helsen aan het werk te zien met "dag vrienden van de poëzie"? Vandaag was hij weer heel erg grappig toen hij het had over de dichter Redbad Fokkema. Het gedicht zelf dat hij voordroeg greep me aan en daarom heb ik het opgezocht zodat U het zelf nog eens kan nalezen. Onderwerp van het gedicht zijn psychiatrische patiënten van lang geleden... Meer bepaald de patiënten uit het gesticht Endegeest in Nederland.



Een klaaglied


Achter de westelijke weilandenbij de grenzen van het dorp,

De Drie Witte Palen en Het Witte Huis,

kwamen ons op de Endegeesterstraatweg

in den treure krankzinnigen tegen.

Zij liepen met spaden en wagens

dingen te doen die niemand begreep.

Zij waren niet kwaad, was ons verteld

door bewakers, zij waren niet goed

bij hun hoofd, daarom waren zij kaal.


Soms staken zij door de afrastering

van het gesticht ons dovenetels toe

met het verzoek ze te vullen, hetgeen

ons wonderlijk voorkwam en daarom

konden we het niet. Terug in het dorp

hoorden wij hen 's avonds hard huilen.


(uit "Elke dag is de eerste" 1980)




dinsdag, februari 06, 2007

Ik loop door een straat...

1. Ik loop door een straat
er is een diep gat in het trottoir.
ik val er in
ik ben verloren...ik ben radeloos
het is mijn schuld niet
het duurt eeuwig om een uitweg te vinden

2. Ik loop door dezelfde straat
er is een diep gat in het trottoir
ik doe alsof ik het niet zie
ik val er weer in
ik kan niet geloven dat ik op dezelfde plek ben
maar het is mijn schuld niet
het duurt nog lang voor ik eruit ben

3. Ik loop door dezelfde straat
er is een diep gat in het trottoir
ik zie dat het er is
ik val er weer in...het is een gewoonte
mijn ogen zijn open
ik weet waar ik ben
het is mijn schuld
ik kom er direct uit

4. Ik loop door dezelfde straat
er is een diep gat in het trottoir
ik loop er omheen

5. Ik loop door een andere straat

(uit 'Het Tibetaanse boek van leven en sterven', Sogyal Rinpoche)
met dank aan Christiaan voor de inzending